Onderwijskwalificaties in het secundair volwassenenonderwijs: haalbaar, flexibel en kwaliteitsvolAdvies over het voorontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs en het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, wat betreft de invoering van onderwijskwalificaties in het volwassenenonderwijs en de opheffing van de opleiding Bedrijfsbeheer
De modernisering van het secundair onderwijs heeft geleid tot een aantal wijzigingen in het studieaanbod, de onderwijsdoelen en de studiebekrachtiging. Via de invoering van onderwijskwalificaties van niveau 3 en 4 worden die wijzigingen nu doorgetrokken naar het volwassenenonderwijs. Zo wordt het diploma secundair onderwijs dat cursisten via het volwassenenonderwijs behalen, afgestemd op de vernieuwde onderwijsdoelen van het secundair onderwijs en de Examencommissie. Het voorontwerp van decreet dat die aanpassing regelt, heft daarnaast ook de opleiding Bedrijfsbeheer op.
De Vlaamse Onderwijsraad waardeert het intensieve overleg met de onderwijsverstrekkers tijdens de voorbereiding van het voorontwerp. Tegelijk vraagt de raad aandacht voor de specifieke eigenheid van het volwassenenonderwijs. Om de invoering van de onderwijskwalificaties kwaliteitsvol te laten verlopen en tegemoet te komen aan de noden van cursisten, formuleert de Vlor enkele aanbevelingen.
De raad pleit voor maximale flexibiliteit en organiseerbaarheid van trajecten. Cursisten moeten voldoende tijd krijgen om opleidingen binnen het huidige systeem af te ronden, terwijl ook de pedagogische begeleidingsdiensten de nodige ruimte moeten krijgen om nieuwe en geactualiseerde opleidingsprofielen zorgvuldig uit te werken. Daarnaast vraagt de Vlor dat ook opleidingen gebaseerd op een ander erkend referentiekader dan een beroepskwalificatie diplomagericht kunnen blijven en dat kleinere certificaatopleidingen geclusterd kunnen worden zodat ze, samen met algemene vorming, kunnen leiden tot een diploma secundair onderwijs.
Tot slot vraagt de Vlor om zijn adviesbevoegdheid voor onderwijskwalificaties in het volwassenenonderwijs te behouden.