Programmatie van een nieuwe school, een nieuwe opleidingsvorm of een nieuw type in het buitengewoon secundair onderwijs – schooljaar 2021-2022

De Vlor geeft advies over 102 dossiers met programmatieaanvragen voor het buitengewoon secundair onderwijs, waarvan:

  • 4 voor de oprichting van een nieuw type in een bestaande structuur
  • 9 voor de oprichting van een nieuwe opleidingsvorm
  • 2 voor de oprichting van een nieuwe school
  • 87 voor de programmatie van een niet-duale opleiding in opleidingsvorm 3

Dit advies behandelt enkel de eerste drie soorten aanvragen. De programmatie van een niet-duale opleiding in opleidingsvorm 3 wordt in een ander advies besproken.

Criteria

De Vlor adviseert de aanvragen op basis van de criteria uit de regelgeving. Daarnaast hanteert hij een bijkomend criterium. Als een aanvraag eerder al goedgekeurd werd door de Vlaamse Regering, maar niet ingericht, adviseert de Vlor gunstig. Werd de aanvraag in een vorige ronde afgekeurd, zullen we onderzoeken in welke mate de motivering van dat oordeel opgevolgd werd.

Tijdig communiceren aan scholen

De Vlor stelt vast dat scholen, na een gunstige beoordeling van een programmatieaanvraag in het verleden, het structuuronderdeel toch niet inrichten omdat ze de normen daarvoor niet halen. Meer bepaald omdat ze hun doelpubliek onvoldoende hebben kunnen informeren over de nieuwe studiemogelijkheden tussen het moment waarop ze verwittigd worden over het goed gevolg dat aan hun dossier wordt gegeven en het einde van het schooljaar. De Vlor dringt er bij de overheid dan ook op aan om de scholen zeer snel te informeren over het gevolg dat aan hun aanvraag wordt gegeven. De Vlor heeft die vraag al herhaaldelijk gesteld.

Gedoogjaar

Indien een school na een gunstige beoordeling van de Vlaamse regering van een programmatieaanvraag het daaropvolgende schooljaar geen leerlingen inschrijft voor dat structuuronderdeel, moet ze een nieuwe aanvraag indienen indien ze het structuuronderdeel opnieuw wenst in te richten. Vanaf er één leerling werd ingeschreven, wordt dit beschouwd als een gedoogjaar en dient er het daaropvolgende schooljaar geen nieuwe aanvraag ingediend worden. De Vlor is van mening dat scholen die het eerste schooljaar geen leerlingen inschreven, ook dat schooljaar als een gedoogjaar moeten kunnen beschouwen. Op die manier hoeven ze geen heraanvraag in te dienen het daaropvolgende schooljaar. Dat zou ook een administratieve vereenvoudiging betekenen.

Verder verloop

De Vlaamse Regering zal een beslissing nemen op basis van het advies van de Vlor, AGODI en de Onderwijsinspectie.