Meer geld voor computers doet scholen niet automatisch digitale sprong maken Gezamenlijke brief met de SERV over de digisprong

Op  21 januari 2021 bracht de Vlor een advies uit over de visienota ‘Digisprong: van achterstand naar voorsprong. Daarin bleek dat de raad tevreden is met de forse investering (van 375 miljoen euro) in de digitalisering van het onderwijs, maar formuleerde hij tegelijk enkele belangrijke voorwaarden voor succesvolle ICT-integratie in onderwijs. In een gezamenlijke brief met de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) vraagt de Vlor nu aan de minister om de focus van de Digisprong te verruimen.

Naast investeren in digitale infrastructuur, connectiviteit en hardware moet Vlaanderen ook een sterk ICT-beleid in de scholen stimuleren en scholen daarvoor voldoende ruimte en tijd geven. Er zijn ook meer en andere inspanningen nodig voor kwetsbare kinderen en gezinnen. Als kwetsbare ouders zelf niet voldoende digitaal bedreven zijn, kunnen zij hun kinderen ook niet ondersteunen bij digitaal huiswerk of verloopt de digitale communicatie met de school moeilijk.

Extra budget is broodnodig, liefst recurrent

De coronacrisis heeft de scholen snel doen schakelen op het vlak van afstandsonderwijs en digitalisering. De voorbije maanden moesten leraren, leerlingen en hun ouders plots (deels) aan de slag met lessen via de computer, digitale taken en huiswerk of digitale oudercontacten. Met het beleidsplan Digisprong komt de Vlaamse Regering dus terecht tegemoet aan reële digitaliseringsnoden van de scholen. Tot en met het schooljaar 2022-2023 is 340 miljoen euro voorzien voor de aankoop van computers, laptops of tablets en voor internetaansluitingen.

De Vlor en de SERV appreciëren deze investeringen maar om het onderhoud en de vervanging van computers over de jaren heen te garanderen, informatiebeveiliging te verzekeren en digitale innovaties te kunnen blijven volgen, zijn voldoende structurele en recurrente budgetten nodig. Dat is nu te weinig het geval volgens de Vlor en SERV, want de hoofdmoot van de investeringen zijn eenmalige relancemiddelen. Digisprong voorziet wel een recurrent vervolg vanaf 2023 van 37 miljoen euro per jaar voor alle onderwijsniveaus samen. Dat zal vooral naar extra ICT-uren gaan. De vraag is of dat zal volstaan om de vele blijvende digitale noden te lenigen. De Vlor en SERV wijzen er ook op dat de middelen ten goede kunnen komen aan de Vlaamse economie, inclusief Vlaamse kmo’s.

Uitwerken ICT-beleid en professionaliseren schoolteams is cruciaal

Voorlopig lijkt de focus van Digisprong in hoge mate te liggen bij de infrastructuur en hardware. De Vlor en SERV vragen om daarnaast zeker ook genoeg aandacht te besteden aan het stimuleren van een sterk ICT-schoolbeleid en scholen daarvoor voldoende tijd en ruimte te geven. De Digisprong vergt veel en uitgebreid denkwerk over de leerprocessen en materiaal in schoolteams. Ook bij aankoopkeuzes van hard- en software kunnen scholen extra ondersteuning goed gebruiken. Het Kennis- en Adviescentrum Digisprong, waarvoor budget is voorzien, is nog niet operationeel.

De professionalisering van leraren is een belangrijke voorwaarde voor succesvolle ICT-integratie in onderwijs. Er zijn daarvoor al enkele initiatieven genomen, zoals de mogelijkheid voor leraren om via vouchers een basisopleiding ICT te volgen in het volwassenenonderwijs. De vraag is of dat zal volstaan.  

Digitale en sociale kloof vermijden

De Vlor en SERV wezen in eerdere adviezen al meermaals op het belang van e-inclusie bij het ontwikkelen van een krachtig ICT-beleid op school. Om de stap van achterstand naar voorsprong te zetten, zijn meer en andere inspanningen nodig naar kwetsbare kinderen en hun gezin. Daarom vragen de Vlor en SERV de minister van Onderwijs om voldoende flankerende beleidsinitiatieven te nemen die zich richten op e-inclusie. Aandacht is zeker nodig voor digitale geletterdheid, internetconnectiviteit en digitale basisinfrastructuur bij kwetsbare gezinnen. Als kwetsbare ouders niet voldoende digitaal mee zijn, kunnen zij hun kinderen ook niet ondersteunen bij digitaal huiswerk of kunnen zij niet vlot genoeg digitaal communiceren met de school.