Advies over het ‘Networks of European Universities’ van de Europese Commissie

Het initiatief voor een ‘network of European Universities’ komt er na een nota van de Franse president van 21 november 2017 aan zijn collega regeringsleiders waarin hij aandringt op het creëren van een 20-tal grote Europese ‘universiteiten’ om zo de samenhang tussen onderzoek, onderwijs en innovatie te verbeteren en de concurrentiekracht van het Europese hoger onderwijs te versterken. De netwerken waar de Europese Commissie naar verwijst, zijn een doorgedreven samenwerkingsovereenkomst in onderwijs en onderzoek tussen een kleine groep van instellingen hoger onderwijs. Het is daarbij de bedoeling dat de student in de verschillende instellingen opleidingsonderdelen volgt en uiteindelijk één gezamenlijk diploma ontvangt op het einde van de rit.

De Vlor benadrukt dat het Engelse ‘universities’ in de Vlaamse context begrepen moet worden als álle instellingen hoger onderwijs, namelijk de universiteiten én de hogescholen.

Samenwerking versterkt de kwaliteit

De Vlor onderschrijft het principe van samenwerking. Hij is er ook van overtuigd dat dit initiatief de mobiliteit van studenten en staf zal stimuleren, iets waarvoor de Vlor al langer vragende partij is. De Vlor vraagt de Europese Commissie en de Vlaamse overheid wel om de bestaande initiatieven verder te zetten en financieel te ondersteunen. De Vlor is van mening dat best zoveel mogelijk inhoudelijk wordt samengewerkt, zonder bijkomende juridische structuren. De meerwaarde van deze structuren is vaak erg beperkt en werkt inhoudelijke samenwerking niet altijd in de hand.

Nog veel onduidelijkheid: de Vlor doet een voorzet

De Vlor wijst erop dat het initiatief nog erg onduidelijk is vandaag. Hij heeft vragen over de aard van de netwerken, de verhouding tot andere initiatieven en ontwikkelingen en de beschikbare middelen. Hij is van mening dat:

  • deze netwerken zowel thematisch als regionaal georganiseerd moeten zijn;
  • ook de Vlaamse hogescholen betrokken moeten kunnen worden;
  • ook kleinere landen moeten kunnen deelnemen;
  • deze netwerken niet exclusief mogen zijn en dat instellingen aan verschillende netwerken moeten kunnen deelnemen.

Wat de middelen betreft, is de Vlor duidelijk: zowel nationaal als internationaal moeten extra middelen geïnvesteerd worden. Hiervoor mogen geen bestaande initiatieven sneuvelen.

De Vlor vraagt om ook de landen van de Europese hogeronderwijsruimte te betrekken om geen tweedeling in de landen van het Bolognaproces teweeg te brengen. Ook samenwerking met de European Research Area moet gestimuleerd worden.

Aan de Vlaamse overheid vraagt de Vlor om de obstakels die vandaag nog bestaan om internationale samenwerking aan te gaan en te stimuleren, weg te werken.

Download hier het volledige advies (PDF, 167.72KB)